|

Raadsleden in de Kloostertuin
Klik
voor vliegbewegingen

| |
|
|
| Volkskrant 19 september 2001. |
|
|
Bennebroek is de kleinste gemeente van Nederland, maar de
mondige burgers van het dorp en de twee wethouders vechten elkaar de tent
uit. Over de renovatie van de oude kern, de komst van de supermarkt, de
sloop van de school of het kappen van een appelboom. Wethouder Evert
Holterman: 'Ik lach hier wat af'.*
Door Bert Wagendorp
|
|
|
De Bennebroeker pikt niets meer
|
Acht jaar is Evert
Holterman (58) nu een van de twee wethouders in de gemeente
Bennebroek, maar pas de laatste twee, drie jaar begint de PvdA'er
het echt druk te krijgen. Vooral omdat hij Ruimtelijke Ordening in
zijn portefeuille heeft, en daardoor om de haverklap voor de
bestuursrechter bouwplannen staat te verdedigen. Heeft een
ontevreden Bennebroekse burger of actiegroep de gemeente weer eens
gedaagd wegens vermeende procedurele fouten of andere blunders.
‘Meestal winnen we', zegt Holterman, ‘maar het kost natuurlijk
wel veel tijd.' Net als de tientallen klaagbrieven die er
tegenwoordig maandelijks op zijn bureau verschijnen. Afzender: een
ontevreden burger. Nog niet zo lang geleden schreef die hoogst
zelden.
Bennebroek, 5226 inwoners, ligt ten zuiden van Haarlem. Het dorp
heeft een oppervlakte van 175 hectare en is daarmee de kleinste
zelfstandige gemeente van Nederland. Maar dat wil niet zeggen dat de
problemen er ook klein zijn; dat vinden althans de Bennebroekers
zelf. Neem het plan ‘Oude Kern': dat zorgt nu al enige jaren voor
een Babylonische spraakverwarring tussen burger en bestuur, waarbij
de gemoederen hoog oplopen.
Het plan ‘Oude Kern' voorziet in nieuwbouw en renovatie in het
oude centrum. ‘Een gecompliceerd, maar heel leuk project', vindt
Holterman. Een heilloos plan, vinden de Vereniging Meerwijk
Bennebroek, alsmede het bewonerscomité TSJA (Talmalaan, Schoollaan,
Julianaplantsoen en W.-Alexanderplein), alsmede de Vereniging
Leefbaar Bennebroek, alsmede Hans de Winter.
De Winter (41) legde zijn grieven vast in een fraai gedicht,
getiteld ‘Bestemmingsplan', waarvan de eerste twee van tien
kwatrijnen als volgt luiden: Ik liep vandaag weer door ons dorp./
Maar God wat gaat het achteruit./ Dat heet ‘vooruitgang' moet je
weten./ Dat, wat zo tegen mijn inborst stuit./ Waar blijven straks
de gezellige buurtjes./ Waar je zo goed slenteren kon./ Waar nog
tijd is voor een praatje./ Waar mijn prille jeugd begon.
De Winter boekte er veel succes mee tijdens inspraakavonden, ‘en
de wethouder zei dat het een erg mooi ritme had'. Waarop De Winter
riposteerde dat hij blij was dat te horen, maar dat het de bedoeling
was dat de strekking van zijn poeem ook in de besluitvorming zou
worden meegenomen. Dat lag moeilijker.
‘Ze hebben ons drie plannen voor de Oude Kern voorgelegd. Vroeg
iemand: Waar is plan vier? Plan vier?, vraagt de wethouder. Dat er
helemaal níks veranderd, zegt die man. Nou, daar kon geen sprake
van zijn. Dat paternalisme van het bestuur, dat zet kwaad bloed. Dat
ze redeneren: als je de burger helemaal zijn gang laat gaan,
verandert er helemaal niks. Maar als de burger dat nou wíl?'
Enfin, gedichten, daar valt voor een wethouder mee te leven. De
actiegroepen die hun bezwaren in iets vormelijker stijl naar voren
brengen, bezorgen de bestuurders heel wat meer hoofdbrekens.
Neem Harald Copier, gepensioneerd inspecteur der milieuhygiëne en
voorzitter van de Vereniging Meerwijk Bennebroek. Middels een
professioneel ogende nieuwsbrief
stelt Copier zijn medeburgers met ijzeren regelmaat van de
ongenoegens van zijn vereniging (150 leden) op de hoogte.
‘We hebben hier wethouders die niets anders willen dan hun
plannetjes doordrijven', stelt Copier vast. Hij wil nog wel toegeven
dat de Bennebroekse bestuurders in de oprechte mening verkeren dat
ze ‘interactief' bezig zijn, ‘maar dat zijn niet meer dan
kreten. Ze zijn bedrijfsblind.' De wijze waarop de gemeente de Oude
Kern-plannen rond het Kerkplein ‘naar de burger communiceert' acht
Copier ‘gewoon slecht'. ‘Er is hier iets heel erg mis met de
informatievoorziening.' Ze rommelen maar wat aan, op het stadhuis.
Acherkamertjesgedoe is het, nog steeds.
Goed, de gemeente moet vooral zo doorgaan. Dan ziet Copiers
Vereniging Meerwijk zich helaas genoodzaakt het overlegproces van de
raadszaal naar de rechtszaal te verplaatsen. Er is door de advocaat
die deel uitmaakt van zijn club al een beroep gedaan op de Wet
Openbaarheid Bestuur, om geheime informatie boven water te krijgen.
Op voorhand is een bezwaarschrift ingediend ‘tegen alle besluiten
die er vanaf nu worden genomen'. Een verharding in de verhoudingen
tussen burger en overheid? Copier noemt het liever een
‘verzakelijking'.
Eén succes hebben de vrije burgers van Bennebroek inmiddels al
geboekt. De bouw van een megasuper van Albert Heijn in het centrum
gaat niet door. De omwonenden vreesden grote verkeersoverlast en
waren bovendien wantrouwend gestemd jegens de eigenaar van de
huidige AH, voormalig CDA-wethouder Zwetsloot. Die had natuurlijk
zijn oude maatjes in het openbaar bestuur flink gemasseerd.
Onzin, zegt Holterman. ‘Maar die man is weer gebonden aan de
nieuwe inzichten van AH wat winkelconcepten betreft. De kans bestaat
nu dat ze in Zaandam besluiten om de boel hier helemáál te
sluiten. Willen we dát dan?'
Harald Copier houdt de boel scherp in de gaten, want hij vermoedt
dat de gemeente via een zijdeurtje de grootgrutter alsnog terwille
wil zijn.
Wethouder Holterman is een positief denkend mens. ‘Je ziet hier de
kritische burger, die steeds mondiger wordt en die de overheid
controleert. Dat is alleen maar goed.' Maar een en ander heeft
natuurlijk ook negatieve kanten. Want je kunt lang en breed praten,
alle belangen tegen elkaar afwegen en zoveel mogelijk burgers
tegemoet komen, ‘maar uiteindelijk moet er wel een besluit worden
genomen'. En dat proces wordt steeds gecompliceerder en neemt
daardoor steeds meer tijd in beslag.
De overheid, ook die in Bennebroek, komt steeds meer in een spagaat
te verkeren, stelt Holterman gelaten vast. ‘Er zijn de afgelopen
jaren grote tegenstrijdigheden geslopen in de visie van de burger op
de taak van de overheid. Vooral na Enschede en Volendam vindt de
burger dat het afgelopen moet zijn met het gedogen. Maar aan de
andere kant zeggen de mensen ook, zeker in een VVD-gemeente als
Bennebroek, dat de overheid zich niet te veel met de burger moet
bemoeien. Behalve als er een probleem is, want dat moet diezelfde
overheid dan wel weer oplossen. Wel op een vriendelijke manier, want
dat willen we óók, een vriendelijke overheid.'
Het valt niet mee, zegt Holterman, al die brieven over ‘een paar
stoeptegels of een lantaarnpaal'. Maar goed, als het hem echt even
te veel wordt, met de klagende burger, dan verklaart Holterman open
en oprecht dat hij ook maar ‘een goedwillende amateur' is, en lid
van de burgerij bovendien.
Met dat soort gepraat hoeft hij bij Copier niet aan te komen. Die
eist professionaliteit en heeft bovendien het recentelijk verschenen
rapport van de Commissie Toekomst Overheidscommunicatie (‘In
dienst van de democratie') al uitgebreid bestudeerd en daarbij tot
zijn genoegen geconstateerd dat bestuurders de burger voortaan
centraal dienen te stellen. Wat blijkt: van de Bennebroekse
raadsleden had nog niemand het rapport gelezen. Dus dat zegt wel
genoeg.
De Bennebroekse gemeenteraad, hou d'r tegen Copier alsjeblieft over
op. Beoordeelde de plannen voor de Oude Kern positief, op grond van
een plattegrondje. Liet Copiers Vereniging een mooie visualisering
maken, waaruit klip en klaar bleek dat het hele dorpskarakter van
het Kerkplein eraan zou gaan, schrokken ze zich rot. Waren ze het
opeens voor tachtig, negentig procent met de kritiek eens, dat het
een liefdeloos plan was. Maar vervolgens gingen ze in de
besluitvorming tóch weer akkoord, met de opmerking dat ‘bij een
positief besluit al onze kritiek hoort'. Copier: ‘Ja, maar wel
zonder amendementen in te dienen. Dus wat schiet je daarmee op?'
Juist, niets. Althans voorlopig, want de rechter is geduldig.
‘Je wordt gedwongen uiterst zorgvuldig met de procedures om te
gaan', zegt Holterman. ‘Daardoor juridiseert de overheid steeds
meer. Maar de burger juridiseert mee. Die weet de weg naar de
rechter ook steeds beter te vinden.' Of naar andere instanties die
hem in zijn gevecht tegen de overheid kunnen steunen.
Aan de Meerweg 16 in Bennebroek staan bijvoorbeeld de laatste resten
van wat ooit een oud boerderijtje uit 1800 was. De erven verkochten
het boeltje aan een projectontwikkelaar, die er drie dure villa's
wil neerzetten. Op grond van het bestemmingsplan verleende de
gemeente daarvoor toestemming. Protesten uit de bevolking hielpen
niet, het boerderijtje werd gesloopt.
Maar wat er nog wel staat, zijn een aantal bomen, waaronder drie
kastanjes en een linde, allen rond de eeuw oud. Na actie van een
aantal omwonenden werd door de Bomenstichting aan de bomen de
monumentenstatus toegekend. Wat doet de gemeente: geeft toch een
kapvergunning af voor de linde, een els en een appelboom. En de rest
van de bomen gaat er ongetwijfeld ook aan, als de bouwwerkzaamheden
eenmaal worden gestart.
Hans de Winter acht dit een typerend voorbeeld van de
‘ongebreidelde expansiedrift' van de gemeente. ‘Die
bouwvergunning is klakkeloos afgegeven, zonder te luisteren naar de
bewoners.' En waarom? ‘Bennebroek moet mee in de vaart der
volkeren, zeggen ze.' Holterman vindt het ook wel jammer, dat een
oud stukje Bennebroek gaat verdwijnen. Maar de gemeente had geen
keus, de vergunning móest worden afgegeven. Was de gemeente
meegegaan in de protesten van de burgers, dan had de
projectontwikkelaar een miljoenenclaim neergelegd: klem.
Ze luisteren heus wel, de bestuurders van Bennebroek, zegt Holterman.
Bovendien zijn alle commissievergaderingen en raadsvergaderingen
openbaar, komen alle voorgenomen besluiten in de krant en worden er
inspraakavonden georganiseerd. Ze streven echt naar transparantie,
in Bennebroek. Maar wat zie je gebeuren: voor veel burgers zijn de
gemeenteraadsbesluiten een ver-van-mijn-bed-show. ‘Tot blijkt dat
die ook gevolgen hebben die heel dichtbij kunnen komen. Dan wordt
iedereen opeens wakker en begint het. Maar dan is het besluit al
genomen.'
En zelfs dán wil hij nog graag tekst en uitleg geven. ‘Zaten er
vierhonderd man in de aula van de Hartekamp, te praten over de
plannen voor de Oude Kern. Zegt er eentje: kunnen we er hier niet
even over stemmen? Zeg ik: nee, dat is in de raad al gebeurd. Ik
bedoel: veel burgers maken de vergissing dat inspraak gelijk staat
aan het voldoen aan hun individuele wensen. Maar dat is natuurlijk
onmogelijk. Ik zeg altijd: We kunnen erover praten, maar er moeten
wel besluiten worden genomen. Daar moet je duidelijk in zijn.'
De overheid, zegt Holterman, doet niets anders dan laveren tussen
individueel en algemeen belang. En dat wordt steeds moeilijker, in
een sterk individualiserende maatschappij waarin de burger zo
langzamerhand elk sluipweggetje om zijn recht te halen - of
ongewenste ontwikkelingen in elk geval zo lang mogelijk tegen te
houden - kent. ‘Zo'n Copier, hele aardige man hoor. Heeft sinds
hij met pensioen is alle tijd van de wereld. Toen heeft-ie die
Vereniging ook opgericht. Man weet natuurlijk de weg. Ze zijn hier
in Bennebroek gemiddeld erg hoog opgeleid.'
Da's mooi, maar ook wel eens lastig. ‘Want eigenbelang wordt in
Bennebroek met een hoofdletter geschreven en het vanzelfsprekende
gezag dat een wethouder vroeger had met hele kleine letters.' Copier
is intussen bezig met het uitzetten van een enquete, waarin de
burgers van Bennebroek nogmaals hun mening over de onzalige plannen
van de gemeente kunnen geven. ‘Belachelijk dat wíj dat moeten
doen trouwens.' Helaas beschikt Bennebroek niet over een
referendum-regeling.
En zo sleept de kwestie zich voort, in het lommerrijke Bennebroek.
De bouw van het nieuwe verzorgingscentrum Meerleven moet voor 1
januari 2003 beginnen, anders komt de gemeente in de knel met de
financiering. En als díe nieuwbouw - waarvoor eerst de alom
geliefde Franciscusschool moet worden gesloopt - niet op tijd
begint, dreigen ook de andere elementen van het Oude Kern-project
als dominostenen om te vallen. ‘En dan zijn we de grip op wat er
gaat gebeuren helemaal kwijt', zegt Holterman. ‘Dan valt elke
samenhang weg.'
‘Wij willen de gemeente juist dwingen samenhang in de plannen aan
te brengen', zegt Copier. ‘D'r zit momenteel helemaal geen
samenhang in.'
Holterman wil volgend jaar nog graag vier jaar aan zijn
wethouderschap toevoegen, om het Oude Kern-project in elk geval een
mooi eind op streek te helpen. Bovendien, aan de horizon gloort
positieve verandering, denkt hij. ‘De spanning tussen bestuurder
en bestuurde wordt weliswaar groter, maar aan de andere kant
verkleint de afstand zich ook. Dat móet uiteindelijk tot betere
verhoudingen leiden.' En dat wil hij graag meemaken.
Het zou trouwens sowieso niet meevallen een opvolger te vinden. Want
dat is het typische met de mondige burger, vindt hij. Die wil zich
best inzetten als zijn belang geschaad dreigt te worden, maar heeft
weinig trek zijn vrije tijd op te offeren aan het openbaar bestuur.
‘Het is bidden en smeken om daarvoor mensen te vinden.'
Overigens is juist weer een nieuw bezwaarschrift binnengekomen tegen
de bouw van het verzorgingscentrum. Omdat het nieuwe gebouw hoger
wordt dan het oude, vrezen buurtbewoners voor hun privacy. ‘Dat ze
niet meer ongestoord in hun tuin kunnen zonnen', zegt Evert
Holterman. ‘Ik lach hier wat af.'
Webmaster:
Volgens Holterman is de uitspraak 'Ik lach hier wat af' uit zijn
verband gerukt. Het is gebruikt in het antwoord op de vraag of hij
er niet onder leed en nog goed sliep. Bovendien neemt hij klachten
van burgers serieus. Voor het overige konden alle geinterviewden
zich in het artikel herkennen.
|
|
|